Xiangqi, of Chinees schaak, is een bordspel voor twee spelers waarbij taktisch inzicht winst betekent. Het is een erg oud spel en vrijwel zeker afgeleid van het oude Indiase spel Shatranj, de versie voor twee spelers van Chaturarrga, de voorloper van het Westerse schaak, ofschoon het bord dat thans wordt gebruikt duidelijk van inheemse oorsprong is.
Xiangqi is het spel van de gewone man in China, maar buiten China wordt het spel weinig gespeeld, gedeeltelijk vanwege de gebruikte symbolen, waarmee de mensen net als bij Shogi, moeite hebben. Dat is jammer, vooral omdat deze symbolen, de universele taal van de speler, al duizend jaar lang in Xiangqi worden gebruikt.

BORD EN STUKKEN

Het bord is symmetrisch en telt 90 punten (kruispunten) verdeeld in twee sectoren door een balk in het midden die de rivier heet. Aan elke kant van het bord bevindt zich in het midden een paleis, bestaande uit negen punten, aangeduid met een kruis. Bovendien zijn zeven kruispunten aan elke kant extra aangegeven, die voor bepaalde stukken als startpunten fungeren. Elke kant bezit een leger van 16 stukken, die met hun Westerse equivalenten op deze bladzijden staan afgebeeld. De stukken zijn rond en plat, zoals bij damschijven en hun rang wordt aangeduid door ideogrammen, die meestal in reliëf op de stukken staan. De twee legers zijn gewoonlijk rood en zwart, maar soms rood en blauw of rood en groen.
Xiangqi
SPEL

Het doel van het spel is de vijandelijke generaal te slaan (schaakmat te zetten) of ervoor te zorgen dat het vijandelijk leger geen zet meer kan doen (pat). Het spel vindt plaats op de kruispunten. Er bestaat een afspraak dat zwart eerst zet, ofschoon buiten toernooien de eerste zet gewoonlijk wordt afgesproken, zonder dat men op de kleur let. De spelers zetten om beurten.


Zetten:
De stukken vallen uiteen in twee groepen: die stukken waarvan de zetten beperkt zijn en stukken die over het hele bord kunnen bewegen, ook door of in de paleizen. De beperkte stukken zijn de generaal en de mandarijnen, (beiden mogen het paleis niet verlaten) en de olifanten, die de rivier niet mogen oversteken. Een groot gedeelte van het bord is ook gesloten voor de soldaten door de manier van zetten.
De generaal wordt een punt per keer verzet, recht vooruit of opzij en altijd binnen het paleis. De twee generaals mogen niet op een vrije verticale lijn tegenover elkaar komen te staan: er moet minstens een stuk van welke kleur ook tussen hen in staan. Als een stuk van een lijn af gaat en daarmee de twee generaals alleen laat, staat dit gelijk met schaak geven.
De mandarijn wordt één punt per keer gezet, alleen diagonaal en altijd binnen het paleis.     
De olifant wordt twee punten diagonaal verplaatst, naar voren of naar achteren, mits het tussenliggende punt vrij is. Hij kan de rivier niet oversteken.
De soldaat wordt een punt per keer gezet, recht vooruit, maar als een soldaat de rivier oversteekt wat als een zet telt, mag hij zowel naar opzij als naar voren gezet worden. Maar steeds één punt per keer. Als hij eenmaal de eindrij heeft bereikt, kan hij alleen nog maar naar opzij worden verplaatst.
De strijdwagen wordt net als de toren in schaak of shogi gezet, over elk aantal vrije punten in een rechte lijn.

Het paard wordt net als het paard bij schaken gezet maar slechts over twee velden, de eerste recht en dan diagonaal. Het tussenliggende punt moet vrij zijn en het paard kan daarom niet springen zoals het paard in schaak.
Alle bovengenoemde stukken slaan door verplaatsing zij worden gezet naar een punt dat door het vijandelijke stuk in beslag is genomen, dat daarna uit het spel wordt genomen.
Het kanon (ballista) wordt precies als de strijdwagen gezet, maar in tegenstelling tot de andere stukken moet dit stuk om te slaan over een stuk heen springen om zijn buit te bereiken. Dit stuk, de muur genaamd, kan elke rang en elke kleur hebben. Er kan elk willekeurig aantal vrije punten tussen het kanon en de muur staan en tussen muur en slachtoffer. Het eerste stuk op een rechte lijn van een kanon is daarom een muur en het volgende stuk achter de muur is, als het een stuk van de tegenstander is, het stuk dat wordt aangevallen. Als er daarom minder dan twee stukken op de lijn staan of het tweede stuk is een eigen stuk van de speler, dan kan het kanon op die lijn niet slaan.

Waarde van de stukken:
De strijdwagens blijven de sterkste stukken in alle stadia van het spel, terwijl de kanonnen de vijand kunnen bedreigen vanachter de beschutting van een muur.
Soldaten hebben weinig waarde bij de verdediging omdat zij zich niet kunnen terugtrekken en omdat zij elkaar ook niet kunnen verdedigen, maar bij de aanval kunnen zij erg gevaarlijk lijn, omdat zij niet klem kunnen worden gezet. Zij kunnen ook een nuttige verdedigingsmuur voor de kanonnen vormen.
De olifanten hebben alleen toegang tot zeven punten tussen hen in, maar zij kunnen elkaar gemakkelijk beschermen en zij vormen een doeltreffende verdediging tegen aanvallen naar het centrum toe of van de zijkanten.
De mandarijnen hebben nog minder punten tot hun beschikking slechts vijf maar zij kunnen ook aanvallers weghouden door elkaar te verdedigen en zij vormen binnen het paleis een tweede buffer.
Paarden nemen gewoonlijk in waarde toe, naarmate het aantal stukken in het spel minder wordt, omdat ze niet zo gemakkelijk klem worden gezet. Daarentegen vermindert de kracht van de kanonnen als er minder stukken zijn om als muur op te treden.

Een uitgebreide beschrijving (6 vel A4 formaat) met tekeningen hoe het spel te spelen, is los te koop zie onze internetwinkel.
Opvouwbaar schaakbord
Xian schaak
Schaakbord opvouwbaar
Home